woensdag 27 augustus 2003

Met Ayelet in de trein
Toen Iftach en ik ons hotel in Delhi uitliepen, botsten we tegen Ayelet aan. In Daramsala heb ik een ontzettend leuke avond met haar gehad en in Leh hebben we samen geluncht. Nu besloot ze in een minuut om met ons naar Radjastan te reizen. Voor haar was het de eerste keer in een Indiase trein en hierdoor besefte ik weer hoe prettig het treinreizen hier is (in vergelijking met de bus). Je ontmoet andere mensen om mee te praten, je hebt beenruimte, kunt rondlopen, er is toilet, het uitzicht is goed, er zijn ventilators in de compartimenten en om de tien minuten komt er iemand al "chai"-roepend langs met melkthee voor 3 rps.
De reis verliep voorspoedig en om 9.00 in de ochtend stonden we in Jodpur.
Jodpur
De huizen in Jodpur zijn voornamelijk blauw, de kleur van de Bramins, de priesters uit de eerste kaste. Samen met de felgekleurde, bijna fluoriserende kleuren van de kleding van de vrouwen en de tulbands van de mannen, is dit een prachtig, betoverend gezicht. Roze, geel, oranje, rood, paars, je kijkt je ogen uit!! Het guesthouse is geschilderd in geel en roze en we wanen ons in een 1001-nacht-sprookje.
En het regent! Vooral in de ochtend komt er een fijn gordijn van zilveren druppels omlaag en wordt de stad een grote modderpoel. Voor het eerst in vier jaar valt er hier weer water uit de lucht. Hierdoor koelt het een beetje af. Want augustus is nog steeds een erg warme maand voor dit gebied.

Joulli
We beginnen dingen te verzinnen als ze ons vragen "What your good name" is en "to which country we belong". Vrijwel ieder kind, man en vrouw die we tegenkomen, stelt ons deze vragen en wil ons een hand geven. Het is leuk als je fit bent, maar na een lange dag van rondzwerven door slecht bijgehouden Muhalgardens (zonder water) vallen deze vragen wat slechter. En om wat afwisseling te hebben zeggen we dat we uit Jouli komen, waar ze Joulisch praten. De Indiers knikken begrijpend en gaan vervolgens weer verder waar ze mee bezig waren: zitten op een muurtje.

zondag 24 augustus 2003

Delhi
Na drie dagen in het broeierige, energieke en hectische Delhi, vertrek ik vanavond, nog steeds samen met reisgezel Iftach, naar Jodpur. Delhi blijft me facsineren. De chaos, de mensen, het verkeer, de kleuren en geuren. Het is zo gaaf om in een cycle- of motorrikshaw door de stad te toeren en alleen maar om je heen te kijken: naar handelaren die je in hun shop proberen te krijgen, naar porters die enorme hoeveelheden zakken voortduwen op een kar, naar kinderen die spelen in de plassen op straat, naar de vliegers hoog in de lucht, naar dure auto's met rijke mensen er in, naar straatverkopers die gesuikerd fruit, mascara, gebreide mutsjes of spiegels verkopen op een kar aan de straat, naar gezichten, gebaren, lichamen.
Maar het is ook lekker om de hele middag op het dakterras van het hotel door te brengen, in gezelschap van Nieuwzeelanders, Fransen, Australiers en Engelsen. genietend van een mangolassi of een fruitjuice. Pratend over reizen, relaties en India. Of de wijsheid aanhoren van een Sadhu, die vertelt over de natuur en over de geschiedenis van het Hindoeisme. Of het eerste deel van een Indiase blockbuster bekijken (niet ondertiteld...) in een koele bioscoop.
Kortom, ja, ik geniet nog steeds. En ik zie er naar uit weer Radjastan in te trekken.

donderdag 21 augustus 2003

Back again
En ineens ben ik weer terug in India. Van de vrede in de chaos, van de rust in het lawaai, de schreeuwende en duwende indiers, de felle sari's en zeurende verkopers. Tuurlijk had je in Ladakh en Kashmir ook mannen die hun grijze haar met henna oranje verfden. En ook daar werd achter in de bussen met gefluit aangegeven dat de bus weer verder kon rijden. Er waren net zoveel loslopende honden als in de rest van India en de rikshawrijders probeerden je op dezelfde manier af te zetten.
Maar toch is India heel anders dan Kashmir en Ladakh. Dat zie ik vooral na bijna zes weker "weg geweest" te zijn. Ik val er van de ene verbazing in de andere. Het geduw in de rij voor de treinkaartjes; als ze konden kropen ze in elkaar. De intimiteit tussen de mannen, die met elkaar omgaan zoals in het westen jongens tegen meisjes aankruipen. Het wilde getoeter in het verkeer, de viezigheid op de straten, in de stegen, langs het spoor. En de pulserende energie die nu vooral in Delhi goed voelbaar is. Een goede afwisseling na het prachtige en rustige Kashmir met zijn moslims in lange, lichtgekleurde tunieken, zijn bergen en groene rijstvelden en het alomaanwezige Indiaase leger.

Zondag - rustdag
De laatste zondag in Kashmir zouden we in de house boat blijven en genieten van de rust op het water. Ik had mijn leesboek, mijn kleurpotloodjes en mijn muziek al klaargelegd en net toen ik er eens goed voor wilde gaan zitten, kwam de eerste shikara (lange, smalle boot) al aangevaren. Wilden we chocola, wc-papier, sigaretten? Alles net iets duurder dan in een winkel maar aan huis (aan boot) gebracht. We hadden (nog) niets nodig en de boot vaarde verder naar de volgende house boat in de rij.

De volgende shikara met daarin een hele dikke Kashmir meerde al aan: was mevrouw niet geinteresseerd in mooie Kashmiri shawls, of geborduurde blouses? Nee, mevrouw was niet geinteresseerd. Mevrouw was zichzelf al te buiten gegaan aan shawls in Dharamsala en had er welliefst 6 gekocht. Maar mevrouw kon zich toch niet inhouden en vroeg de dikke meneer aan boord om zijn waar te tonen. Prachtige geborduurde wollen en zijden shawls en de verkoper deed erg zijn best om er ten minste een aan mij te slijten (Hoeveel wilt u er voor betalen? Deze staat u echt prachtig! Wil meneer de shawl niet kopen als cadeautje voor mevrouw?). Maar hoe prachtig zijn waar ook was, het ging mijn budget teboven. Hij droop teleurgesteld af en Iftach verzekerde mij dat het allemaal een spel was en dat ik me echt niet schuldig hoefde te voelen.

De volgende shikaraman stond al op de veranda. Of ik geinteresseerd was in sieraden? Ja, ik ben altijd geinteresseerd in sieraden. En ik begon lol te krijgen in deze rustige zondagmiddagbesteding. Ik liet hem al zijn sieraden uitpakken en na een half uur oh en ah vervolgens weer inpakken. Wel twee mooie maar goedkope kettingen gekocht. Mezelf versieren blijft een grote hobby!!

En jawel, na de sieradenman, kwam de safraanman aangevaren en achter hem lag de boot van de papiermache doosjes man al te wachten. Ik had het alweer gehad en met een zeer vastberaden stem maakte ik hen allemaal duidelijk dat ik niets, maar dan ook niets meer wilde kopen. Dit is nooit voldoende, je moet dit minstens 5 keer herhalen, vergezeld van allerlei stomme verhalen als: ik kook nooit, dus ik heb geen safraan nodig, ik heb al vier doosjes en kan geen vijfde doosje meer dragen in mijn tas, mijn geld wil ik liever besteden aan eten dan aan luxe, etc. En dan druipen ze uiteindelijk af. Om de volgende dag even enthousiast weer op de veranda te staan om te vragen hoe het met je gaat...

Boeken
Al die tijd was Iftach bezig geweest met Zijn Boeken. Hij had 17 natuurkunde en computerboeken gekocht voor 1/10 van de prijs die ze waard waren in Israel. En hij zei dat hij ze allemaal ging lezen... De dag ervoor hadden we geprobeerd de boeken te versturen. En dat ging als volgt: 14 kilo sjouwen naar het postkantoor 11 km verderop om daar, na inpakken, belakken en bestempelen te horen, dat het handiger is er 7 pakketjes van 2 kilo van te maken omdat dat de helft goedkoper is.

Maar inmiddels was de openingstijd van het postkantoor al twee uur verstreken en moesten we maar een andere dag terugkomen voor de verdere afhandeling. Dus hup, de 14 kilo weer 11 km terug naar de boot slepen en onderweg stof kopen om de boeken in in te pakken. Een en ander was niet erg bevordelijk voor mijn humeur. Maar gelukkig was er een interessante en erg nieuwsgierige postbeambte die eigenlijk liever docent was geworden en graag al zijn kennis etaleerde. We hebben interessante gesprekken gehad over relativiteit, de Jainreligie, oneindigheid en God.
De 7 pakketje zijn uiteindelijk netjes dichtgenaaid, beschreven, belakt en bestempeld op de boot naar Israel gegaan en ik weet nu dat je een hele dag moet uittrekken voor het versturen van boeken....

zaterdag 16 augustus 2003

Independance day
Gister was het Independance day in India. Reden voor het leger in Kashmir om de controle extra te verscherpen. Normaal gesproken staat er op iedere straathoek een militair; nu stonden er twee, volledig bewapend en stonden op bepaalde plekken zelfs tanks. En Iftach en ik wilden toevallig net op die dag weer terug naar Srinagar. We waren drie nachten in Pahalgam geweest, volgens de trotse Kashmiri het paradijs op aarde. Het is er inderdaad prachtig: Oostenrijkse groene bergen, prachtige valleien vol bergbloemen, wilde paarden, aangenaam zonnig weer, kleine onaangetaste dorpjes waar de kippen en honden je voor de voeten lopen, waar iedereen je nieuwsgierig aankijkt tot je Salaam zegt, turkoise-blauwe, ijskoude rivieren die alleen over te steken zijn via wankele bruggetjes, spannende kleine wandelpaadjes door maisvelden en vrijwel geen toeristen. Puur natuur, puur genieten.

Reguliere dienst
"Oh, jullie willen vandaag terug naar Srinagar?" zei de manager van ons guesthouse. "Dat wordt moeilijk want er rijden geen bussen." "Oh, we zien wel", riepen wij goedgemutst, en we vertrokken in het vroege ochtendlicht naar het busstation, onderweg begroet door de vele militairen die ons de dag ervoor al in gebrekkig Engels naar onze naam en nationaliteit hadden gevraagd. Onderweg herinnerde een slimme jeepchauffeur ons nogmaals aan het feit dat er geen vervoer naar Srinagar mogelijk was die dag. Maar hij wilde ons wel brengen voor 700 rps (14 euro) only. Op zich redelijk, maar toch ook wel veel voor India.
Terwijl we probeerden wat van het bedrag af te krijgen, kwam er een man naar ons toe. Hij wees naar de bus achter hem en zei: "willen jullie mee met de bus? Wij vertrekken zo richting Verinag en daarna naar Srinagar. Maar we zijn waarschijnlijk pas rond 18.00 uur daar..." Het klonk wat vreemd, eerst naar het zuiden om vervolgens noordwaarts richting Srinagar te gaan. Maar deze optie was in ieder geval veel goedkoper en ach, we hadden de tijd.

Een van de eerste vragen die je krijgt als je als jongen en meisje samen reist is: zijn jullie getrouwd? En om te veel vragen te vermijden zeiden wij meteen Ja. Maar toen kwamen de vragen juist: wanneer, waarom, waar gaan jullie wonen, wil je ook kinderen, wie blijft er dan thuis om voor de kinderen te zorgen, etc. Uit de vragen begonnen we langzaam op te maken dat dit geen reguliere busdienst was. En dat de mensen in de bus elkaar allemaal kenden... Het bleken ongeveer vijf families te zijn, compleet met opa, oma, kleinkinderen en vrienden. De bus was hun eigendom en die dag waren ze een dagje uit. En wij zaten daar tussen en gingen met hen mee!!
We hebben een fantastische dag gehad. We stopten bij verschillende Muhal tuinen met prachtige bloemenperken en waterpartijen. Onmiddelijk moesten we met iedereen verschillende keren op de foto en toen ik mijn toestel tevoorschijn haalde was dat natuurlijk helemaal practig; want je kon de foto's onmiddelijk zien. De kinderen rukten het apparaat bijna uit mijn handen om zichzelf terug te kunnen zien. Rond 13.00 uur werden er kleden uitgespreid op het gras, pannen en potten gebracht en kreeg iedereen een bord rijst met lamsvlees. En ze keken allemaal toe hoe wij met onze handen de rijst naar binnen werkten. Aan het eind van de dag zetten ze ons af in de buurt van Srinagar en keerden wij, nog duizelig van alle vriendelijkheid, terug naar onze house boat op Nageen lake.

Kashmiri
De mensen waren zo aardig, geinteresseerd, uitnodigend en warm. En dat komen we hier in Kashmir voortdurend tegen: we stappen uit een rikshaw en een man komt naar ons toe om handenschuddend te zeggen hoe blij hij is om eindelijk weer toeristen te zien. Een hoteleigenaar laat mijn hand niet meer los nadat we daar gegeten hebben, zo blij is hij dat we met hem hebben gepraat en bij hem hebben gegeten. Een oudere man nodigt ons uit voor thee in zijn huis en zegt hoe belangrijk hij het vindt om westerse mensen te ontmoeten. Een meisje in de bus geeft me na 5 minuten haar telefoonnummer en vraagt of ik haar wil bellen.

Warm, vriendelijk en ontzettend trots. Kashmir is de mooiste plek op aarde. En dat zou iedereen moeten ervaren. Maar ja, sinds de 12 jaar dat India Kashmir "bezet", zijn de tijden verslechterd. Zaken zijn achteruit gegaan, de steden zijn verpauperd en overal is het Indiaase leger paraat. Ieder gebouw van enige betekenis (bank, postkantoor, universiteit) is ingenomen of wordt zwaar bewaakt door militairen. Als je er naar binnen wilt, wordt je tas gecontroleerd. 's Avonds zijn de straten vrijwel leeg, en als je er te lang stilstaat wordt er een lichtbundel op je gericht om te controleren wat je aan het doen bent. Iedere rikshaw wordt gecontroleerd en overal zie je militaire voertuigen, of zandzakken en prikkeldraad met daarachter bewapende militairen.

Maar momenteel is het al een hele tijd rustig. Reden voor de Indiaase toeristen om weer massaal de house boats op Dal lake te bezoeken. En ook de westerse toeristen komen voorzichtig terug. Ze horen in Ladakh of Daramsala van anderen hoe mooi het hier is en dat het echt wel meevalt met het "gevaar".
Ik hoop voor de Kashmiri dat de problemen tussen India en Pakistan snel worden opgelost, dat Kasmir weer vrij wordt van militairen zodat heel veel mensen kunnen genieten van alle schoonheid en warmte hier. Want dit is zeker een plek om naar terug te keren!

donderdag 7 augustus 2003

Naar Kashmir
Ik was niet voorbereid op de reis. Die bleek bijna twee dagen te duren waarbij we twee keer vroeg op moesten: maandag om 4.30 uur en dinsdag om 3.00 uur. De tocht was echter prachtig en het blijft verbazingwekkend wat de buschauffeurs op smalle, slingerende bergwegen weten klaar te krijgen. Het dorre en droge maanlandschap met oneindig veel kleuren rots aan de kant van Ladakh, veranderde langzaam in een groener, meer Oostenrijkse aanblik met leistenen rotsen en diepe ravijnen.

De tweede dag had het flink geregend waardoor er landverschuivingen waren geweest die de weg hadden weggeslagenen. Overal op de weg naar Kashmir kom je militaire posten tegen, vaak met de loop van de artillerie op de Pakistaanse grens gericht die zich ergens achter de hoge bergtoppen moet bevinden. De militrairen zorgen ervoor dat de weg open en berijdbaar blijft. Dus na drie uur wachten konden we een van de vele paspoortcontroleposten waar we moesten wachten, weer verlaten.

Inmiddels was mijn keelpijn alleen nog maar te onderdrukken door iedere twee uur Ibuprofen te slikken. Door de daling van 3500 meter naar ongeveer 1000 werd de druk op mijn oren bijna ondraaglijk en met ogen dicht de pijn ondergaan was dan de enige mogelijkheid. Gelukkig reis ik met Iftach, die steeds goed voor me zorgde.

Bijna in Srinagar werden we verleid door een man die ons naar zijn house boat op het Nageermeer wilde krijgen. Hij liet ons prachtige foto's zien en omdat we na twee dagen reizen geen zin hadden in gedoe gingen we accoord. En daar heb ik nog geen seconde spijt van gehad. Wat is het daar mooi en rustgevend. In het meer liggen zo'n 80 prachtige houten boten tussen de waterlelies en de lotusbloemen. Het meer is omgeven door wilgen en op de achtergrond zie je de bergen tegen de lucht afsteken. De boot heeft vier luxe tweepersoonskamers die allemaal een eigen badkamer hebben. Verder is er een eetkamer, zitkamer, keuken en een prachtige veranda met heel fijn houtsnijwerk. Om je heen hoor je alleen maar vogeltjes, eenden en het geplons van roeispanen in het water. Paradijs, paradijs!!! Sinds ik 15 jaar terug de foto's van Kashmir van huisgenoot Maarten had gezien, wilde ik al naar Kashmir. En nu ben ik er! Een prachtige plek om bij te komen van het woeste klimaat in Ladakh.

De keel
Maar ik was nog steeds ziek, en zat inmiddels op een Ibuprofen per uur... En de KNO-dokter constateerde dat eigenlijk alles ontstoken was; neus, oren en keel nog het meest. Tja, dat kwam van die hete droge woestijnwind op 3500 meter hoogte... Dus ik heb nu een stevige antibioticumkuur, wat pilletjes tegen verkoudheid en ik mag drie keer per dag gorgelen (waarbij ik dan steeds aan mijn zusje Marinka moet denken...). Na een dag slikken voelde ik me al weer bijna de oude, en dan waardeer je je gezondheid wel heel erg!!

De kleine teen (niet geschikt voor mensen met zwakke maag)
En ik had nog die kleine teen. Daarvoor moest ik naar een andere dokter. Twee maanden terug ben ik uitgegleden en gevallen in Mc Leod. Niets bijzonders, wat schaafwonden en twee tenen open. Maar de kleinste was nog steeds niet dicht. Elke ochtend klopte het kleine teentje me wakker, waarna ik de pus er voorzichtig uitduwde. Op zich kon ik er best mee leven; als ik mijn slippers droeg. Maar met de bergschoenen aan was het toch wel heel pijnlijk allemaal. En ik wil zo graag de bergen verkennen, dagen trekken en tot grote hoogten stijgen...
Dus een van de house boat-eigenaren nam me van de KNO-arts naar de tenen arts, tien minuten verderop. In een klein apotheekwinkeltje zaten twee mannen achter een houten toonbank. Een van de twee bekeek mijn teen, gromde dat het "belachelijk" was dat ik daar al twee maanden mee liep, en haalde desinfecterend spul, een tang, watten en een grote naald te voorschijn. "Hoho", zei ik, "er hoeft alleen maar wat zalf op hoor." Hij luisterde niet, plaatste mijn voet op een houten krukje en begon met desinfecteren. Inmiddels was er een oud mannetje naast me komen zitten en verschenen er nog wat mannen in de 'winkel'.
Plotseling kneep de arts hard in mijn teen, waardoor al het vuil eruit kwam. Hij pakte hij de gedesinfecteerde naald, stak die in mijn teen en maakte zo de wond helemaal schoon. Er bleef een soort gat over. Ik kon niet kijken, alleen maar heel hard op mijn tanden bijten en kreunen. De mannen om me heen keken me allemaal medelijdend aan en de oude man wilde mijn hand vasthouden, maar durfde niet. Maar ik was opgelucht. Dat er eindelijk iets aan die stomme teen was gedaan. Dat ie nu eindelijk dicht kon groeien, en dat ik dan nu eindelijk die trekking kan gaan maken. Over zo'n vier a vijf dagen!!

zondag 3 augustus 2003

Ladakh ligt vlak bij China en Tibet. Op de kaart van het gebied zie je verschillende wegen doodlopen in “verboden gebied”. Voor bepaalde delen van het gebied heb je een permit nodig voor je er naar toe kunt gaan. Overal zie je militairen en als je de vallei inrijdt, kom je langs verschillende grote militaire bases, die niet staan aangegeven op de kaart. Het ziet er interessant uit maar ik vraag me af of het echt allemaal zo gevaarlijk is hier. De grensen zijn in ieder geval discutabel, dat is wel zeker…

Barre tijden
Het woestijnklimaat is niet vriendelijk voor het lichaam. De wind zorgt voor een droge huid en droge lippen. Het fijne zand in de lucht prikt in de ogen en zorgt voor een ruwe en pijnlijke keel. Minder zuurstof in de lucht maakt je sneller moe. En hele kleine wondjes gaan moeilijker dicht op deze hoogte. Kortom, ik ben niet gaan trekken met de Belgen, voelde me niet 100%.

Het valleileven
Maar ik ben de afgelopen week wel in drie kleine oases vol wuivend koren, stromende beekjes en ruisende populieren geweest, waar ik de gompa’s heb bezocht met prachtige muurschilderingen en imposante buddhabeelden, sommige van wel 1000 jaar oud.

De dorpjes zijn groen, ruim opgezet en volledig zelfvoorzienend. Er is energie tussen 19.00 en 23.00 uur. Daarna kun je bij kaarslicht nog wat verder lezen. De sterren zijn ontzettend dichtbij en magnifiek om te zien. Douchen doe je door warm gemaakt water vanuit een emmer over je heen te scheppen (wat heerlijk rustgevend is en je erg bewust maakt van je lichaam!). En de Ladhakse wc is een gat in de grond van een eerste verdieping. Je behoeften vallen door het gat naar de begane grond waarna je ze afdekt door er wat scheppen zand overheen te gooien. De compost die zo ontstaat wordt uiteindelijk weer gebruikt voor het land.
Het uitzicht op de kale bergen blijft adembenemend vooral tegen zonsondergang, met een knalblauwe lucht. En in een vrachtwagen bestuurd door Sikh door dit kale landschap rijden (met 30 km per uur) is ook een heel aparte ervaring.

Festival
Iftach en ik zijn naar een festival gelift waar de monikken met afschrikwekkende maskers op, tergend langzaam “dansen” om zo de kwade geesten te verjagen. Erg verheffend is het allemaal niet, zeker niet als je het commerciele circus er omheen ziet. Alles wordt op zo’n moment verkocht: kettingen, kraaltjes, plastic geweertjes, boekjes en cd’s, gebedsmolentjes, kaarten, bananen, abrikozen (in iedere achtertuin staat wel een aantal abrikoosbomen), soep, kleding en donatiebriefjes. Publiek bestaat uit zowel de locale bevolking in traditionele klederdracht als allerlei toeristen. Waartussen natuurlijk ook weer wat oude bekende zaten…

Flexibel
Maar ik heb nu toch wat behoefte aan een ander uitzicht: groene bergen. Dus ik heb net mijn plannen omgegooid. Ik ga niet naar Spitti, maar samen met Iftach naar Kashmir, naar Srinagar. Het lijkt me heel bijzonder om te slapen in een prachtig versierde house boat met zicht op de groen.